zondag 9 december 2012

Frituur

Er zijn van die momenten dat ik het liefst van de aardbodem zou willen verdwijnen.
Bijvoorbeeld als ik in zo'n online rekenmodule terechtkom om mijn WW te berekenen. Natuurlijk zijn er mogelijkheden om een toelage aan te vragen, geeft de site hoopvol aan, bij de gemeente en belastingdienst. Maar als ik een inschatting maak wat ik daarvoor allemaal moet doen, kom ik niet meer aan werk zoeken toe, vrees ik. Wat natuurlijk wel mijn Plicht is, als steuntrekker. De site waar ik dat kan doen, iets met werk.nl, is gelukkig niet bereikbaar door onderhoudswerkzaamheden. Heb ik even geluk.

Een ander moment waarop ik het liefst niet zou willen bestaan, is als mijn kind met een groot cadeau binnenkomt. Na een weekend bij zijn vader. Een groot achterdochtig wantrouwen vult me. Wat is dit? Waarom? Het schijnheilige 'een cadeau voor een lieve moeder' verontrust me alleen maar meer. Het Sinterklaaspapier vertrouw ik ook al niet. Zijn vader heeft me dit weekend per sms laten weten niet bij te willen dragen in de kosten voor een treinabonnement, terwijl een zomervakantie naar Argentinië toch wat reiskosten betreft, een stuk onvoordeliger is. En in zo'n grote doos zit natuurlijk geen treinabonnement. Ik pijnig mijn hersens; wat kan dit zijn?

Mijn dochter kijkt me hoopvol en blij aan. Ze is duidelijk op de hoogte, al gaat ze al tijden niet meer mee op weekendbezoek. Door al dat ge-app hoeft ze fysiek niet meer aanwezig te zijn om de familiaire banden te onderhouden. Kennelijk. Daar heb ik zuchtend mee ingestemd, al kost het me mijn vrije weekenden. Ik krijg er wel een hoop voor terug; bijvoorbeeld de zorgen rondom al dat uitgaan van d'r. Gisteravond nog, met die ijzel. Het was de laatste keer dat de nachtbus reed en ze wilde per se naar de stad. Liep ik dus 's nachts nog zout te strooien om ervoor te zorgen dat ze niet van d'r fiets zou vallen. Ik dwaal af.

'Pak nou maar uit,' word ik aangemoedigd. Ik huiver en voel aan alles dat het geen zuivere koffie is. Een weeïge geur stijgt op uit de doos. Die ken ik. Ook het cadeau blijk ik te kennen. Ik heb het zelf gekocht. Heel lang geleden. Op advies van mijn ex-schoonmoeder, die, en dat is, ik weet het, té bizar voor woorden, precies vandaag heeft besloten niet meer te willen leven. Sterker nog, mijn ex werd met die mededeling gebeld door mijn ex-schoonzus, op het moment dat ik die vrolijke doos in mijn handen gedrukt kreeg. Maar goed. Een frituurpan dus. Mijn eigen pan. Die ik na mijn vertrek zo'n 10 jaar geleden niet mee nam. Om redenen die te maken hebben met de geur, het schoonmaken, de walm in huis, het over het algemeen ranzige en ondefinieerbare spul dat je in zo'n ding flikkert. Kortom: ik hou er niet zo van, van zo'n pan. Als ik nog een Sinterklaasgedicht zou moeten schrijven zou ik dat erin zetten. Voor mij valt zo'n pan in dezelfde categorie als een wasdroger. Het wordt je aangesmeerd door je schoonmoeder, maar het is beslist géén eerste levensbehoefte en het bevalt me prima zonder.

Mijn kinderen wilden gelijk naar bed, diep gekwetst natuurlijk door mijn ondankbaar, kinderachtig en hopeloos misplaatst gemopper én uit teleurstelling, want zij zien natuurlijk alleen maar voordelen van zo'n pan. Het had mijn zoon twee dagen gekost om de pan zó schoon te krijgen, de arme ziel, en hij zal wel gedacht hebben; da's eenmalig, alle komende keren doet mijn moeder wel. Nou, dus niet.

Toen ik nog voorzichtig vroeg 'waarom dan?' kreeg ik een antwoord dat ik al zo vaak gehoord heb: 'Ja, papa heeft een nieuwe gekocht'. En wat lief toch, elke keer weer, dat ik dan zijn ouwe meuk mag. Echt héél erg bedankt!



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen