woensdag 28 november 2012

Ja maar

'Hij begon'.
'Ik deed niets'.

Natuurlijk ligt de oorzaak van conflicten niet eenzijdig bij de ene partij. En omdat we het aandeel van de andere partij niet kunnen veranderen is het verstandig om je te richten op je eigen deel. Wat deed ik, wat was mijn verantwoordelijkheid? Zelfhulpboeken staan vol met tips over hoe je 'ja maar' kunt veranderen in 'ja en'. Want wat heb je eraan te blijven hangen in een verleden van wrok, teleurstelling en pathetisch zelfmedelijden? Beter kun je je richten op dat wat je wil, in de toekomst. Hup, ga eens in je kracht staan! 'Als, dan...', daar bereik je niets mee. Neem zelf de regie en laat je niet leiden door je omgeving.

En dat is precies mijn probleem. Want met het schakelen van 'ja maar' naar 'ja en' accepteer ik de situatie zoals die is; 'nou ja... het is gebeurd, we doen het er maar mee'. En dat vind ik vooralsnog onaanvaardbaar en onverteerbaar.

Liever fantaseer ik over gewelddadige wraakscenario's of rechtszaken waarbij levenslange gevangenisstraffen worden uitgesproken. Als ik in de hel zou geloven zou ik het wel weten. Maar goed. Totaal niet zinvol natuurlijk. Waar gaat het om?

Gehoord worden, gelijk halen, genoegdoening? Eerherstel? Schuld en boete? Alles, maar bovenal, ik wil géén leugens meer. En dat is gewoonweg onmogelijk. Vol verbazing constateer ik dat ik akkoord moet gaan met bepaalde onwaarheden om voor bepaalde regelgeving in aanmerking te komen. Om mijn eigen positie niet helemaal onmogelijk te maken, voor toekomstige werkgevers die zich natuurlijk wel twee keer achter hun oren zullen krabben om zo'n lastpak binnen te halen, moet ik vooral niet teveel eisen. En datzelfde geldt voor de vraag al dan niet een rechtszaak te beginnen. Dat verkleint namelijk mijn kansen op de arbeidsmarkt (welke arbeidsmarkt?).

Natuurlijk besteed ik mijn tijd liever aan het ontwikkelen van muzieklessen en andere mooie projecten. Dat doe ik ook. Ik hoef in mijn werk niet langer procedures boven de inhoud te stellen. Maar dan belt de advocaat en dan dringt die wereld van tactisch en strategisch handelen toch weer mijn wereld binnen en hoor ik mezelf zeggen; 'Jaahaaaa, maar..'.

donderdag 22 november 2012

Dans

Toen ik vier jaar oud was ging ik 'op ballet'. Met een boel andere kleutermeisjes in een gymzaaltje, met zo'n roze pakje aan, mijn haren in twee vlechtjes; super schattig. Klassieke balletlessen volgden, met pianobegeleiding en examens van strenge mevrouwen van de Royal Academy of Dance uit Engeland. Later kwam er jazz en moderne dans bij en tijdens mijn studententijd Afrikaanse dans. Dat laatste was af en toe wel wat ongemakkelijk, want ons dans- en percussiegroepje was zo wit als wat. Nog weer later volgde ik salsalessen en nu ben ik waar ik zijn wil.

Bij meester Bertus. Ik bezocht mijn oud-collega in zijn klas. Nog een paar weken en dan gaat hij met pensioen. 'Ik ga een beetje dood', zei hij en ik kon het aan hem zien. De omgang met de kinderen zal hij missen en van elke minuut nu probeert hij te genieten. Maar het vooruitzicht van afscheid drukt zwaar. Er komt geen afscheidsfeest want 'dan moet ik toch maar huilen'. Meester Bertus en ik waren altijd op vrijdagmiddag bezig met klei, gips en verf. Hij in zijn klas, ik in de mijne en soms samen. Het was een toptijd. We hebben toen niet gedanst. Maar nu liet hij me een filmpje zien, met salsamuziek. Want dans, daar houdt meester Bertus heel erg van. Ook dat kon ik aan hem zien.

Afgelopen zaterdag was ik in Tilburg bij de presentatie van Dansspetters III, van Maria Speth. Zij heeft dansmateriaal ontwikkeld mét muziek waarmee je zo met kinderen aan de slag kunt. Nou ja zó... Ik heb ervaren tijdens de workshops die ik volgde dat ik, met al mijn danservaring, het contact met mijn lijf een beetje ben kwijtgeraakt. Dat was best confronterend. Ik denk dat het komt door al die hoofdbrekens en kopzorgen van de laatste tijd.

Mark Mieras was ook op het danssymposium en vertelde over wat dans met je doet. Hij is wetenschapsjournalist en heeft een passie voor hersenonderzoek. Met leuk ingekleurde scans maakte hij duidelijk dat op het moment dat je danst en luistert naar muziek er talloze nieuwe hersenverbindingen ontstaan die invloed hebben op een heleboel leerprocessen. Je hoort, luistert, herinnert, associeert, stelt voor, beweegt, kijkt, anticipeert, stelt bij, registreert, voelt, enzovoort. Dans is goed voor jong én oud. Uit onderzoek is gebleken dat je door te dansen de kans op bijvoorbeeld dementie verkleint. Op het moment dat je met kinderen danst op de manier zoals Maria het ons in haar workshop liet ervaren, komen daar ook nog zaken bij als: zelfbewustzijn, sociale vaardigheden, taalvorming en rekenvaardigheden. Als dans zó waardevol is voor de ontwikkeling, waarom wordt er dan niet veel meer aandacht aan besteed? In scholen, in docentopleidingen? Weer een gevalletje 'linkse hobby' zeker.

De winnaars van de Gelduitdaging 2012 in Amsterdam (weekvanhetgeld) dansten zich vorige week vrijdag tijdens de finale naar de overwinning, meester Bertus danst zich zijn pensioen in en ik heb me voorgenomen dansend mijn ontslag tegemoet te gaan.

woensdag 21 november 2012

Schier

Voor mij is Schiermonnikoog een soort Toevluchtsoord. In tijden van geestelijke nood is een uitstapje naar dit eiland een manier om fysiek afstand te nemen van alle drukte en stress. Die laat ik dan in Lauwersoog achter. Ik heb het geluk dat mijn broer al jaren voordelig een huisje kan huren via zijn werk en mijn ouders en ik maken daar dankbaar misbruik van. Meestal waai ik alleen in de weekenden langs, met of zonder de kinderen. De anderen zijn er dan al. Door de grote regelmaat zijn er allerlei routines ontstaan en het begint al met de koffie op de boot, de flauwe sms-berichten over en weer en het zwaaien naar het ontvangstcomité op de pier. Routines zijn fijn, je kunt op ze rekenen en als ze over datum zijn, kieper je ze overboord. Dat doe ik ook met principes. Heerlijk.

Schiermonnikoog betekent voor mij; lopen. Over de dijk, langs de duinen, het strand, de kwelders. Boven het vasteland een strook met bewolking, maar boven het eiland blauwe lucht. Waar een paar jaar geleden nog zee was, is er nu een soort binnenmeer ontstaan en zijn er hoge zandbanken en stuifduinen gevormd. En waar stuifduinen waren vóór de grote storm, zijn ze nu weer verdwenen. Het landschap verandert. Net als mijn leven. Met elke stap die ik zet laat ik het verleden verder achter me en is de toekomst met alle onzekerheden, weer ietsje dichterbij. Lopen is fijn. Tenzij je een zware rugzak draagt en een wiebelige wervelkolom hebt, dan loop je de dag erna niet meer zo lekker, maar dat terzijde.

Veranderingen dus. Die ik al lopend bespreek met mijn familieleden. Ook dat is fijn. Je spreekt je zorgen en twijfels uit en weg zijn ze. Neem mijn vorig verhaal, over de markt. Je zou gezien de ophef over de pogingen van de regering tot nivellering denken dat Nederland veranderd is in een Mega Egoïstisch Intolerant Land. Met Geslaagden, want immers altijd hard gewerkt, die de Mislukkelingen, dom, lui en werkloos, niets gunnen en enkel met hun dikke vinger nawijzen: 'eigen schuld, dikke bult'. Succes is immers maakbaar. De reacties op mijn blog: bemoedigende woorden, tassen met groenten en fruit aan de achterdeur, kranten in de brievenbus, laminaat en vloerbedekking voor de kamer van mijn zoon, een date (wie weet is het de prins op het witte paard en nee, niet Sinterklaas) en vanavond nog een tas met heerlijk brood vertellen me gelukkig ook een ander verhaal. Een mooi verhaal. Een soort SinterMaartenKerstmedley. Het betere Regeerakkoord, zeg maar.

Op Schier. Mijn hond jaagt de fazanten op, ik klim op een duin en tel de vallende sterren. Ik wens dezelfde wensen als altijd. De tweede dag van mijn verblijf wil ik vogels gaan kijken, maar het is mistig. Zo mistig dat blijkt dat ik voor niets het zware statief heb meegebracht, na jaren dat ik het wel mee wílde nemen, maar steeds vergat. Tja. Koffie dan maar. En terwijl de mist overgaat in de schemering moet ik alweer terug naar de boot, naar de vaste wal. Dag Schier.


zondag 11 november 2012

Markt

Al enige tijd is zo halverwege de maand mijn geld op. Dat schrijf ik zonder veel schroom. Alle vaste lasten heb ik goed in beeld, luxe zaken als een krantenabonnement heb ik opgezegd en nieuwe schoenen heb ik al een tijdje niet meer gekocht. Natuurlijk had ik de afgelopen jaren niet mijn dagen moeten inleveren die ik wel heb ingeleverd. Om gezond te blijven kon ik echter niet anders. Een dubieuze oplossing voor een werkgerelateerd probleem waarvan de oorzaak niet bij mij lag, maar bij de organisatie. Maar goed; ik heb die keuze gemaakt. Tot twee keer toe, waarvan de eerste keer zelfs op advies van de bedrijfsarts. Toen ik hierover naderhand nog eens met hem wilde overleggen, bleek hij overleden. Tja.

Ik had dus besloten: liever gezond en arm, dan iets minder arm en ziek en chagrijnig. Bovendien had ik een stoer excuus; dat ik namelijk wel even een eigen bedrijfje zou beginnen. En daar had ik natuurlijk die dagen voor nodig. Dat ik die dagen niet alleen aan mijn flitsend bedrijf besteedde, maar stiekem toch vaak nog voor school bezig was zullen veel parttimers in het onderwijs herkennen. Zo gaat dat gewoon. Niet goed.

Arm ben ik dus. Al ervaar ik dat niet zo, met een warm huis en genoeg kleding in de kast. Een hond die vrolijk kwispelt als ik thuiskom en een tv en pc die het (nog) doen. Oké, de oven in de keuken heeft nog één glasplaat in de deur en het is zwaar onverantwoord dat ik hem zo gebruik. De voorruit van mijn auto heeft een flinke barst, maar de monteur verzekerde me gisteren dat ie zo écht nog wel door de APK komt (maar ik moet wel mijn verzekering aanpassen, om 'm straks vergoed te krijgen als ie wél barst). En mijn zoon heeft geen vloerbedekking meer in zijn kamer sinds de gesprongen waterleiding afgelopen februari. Dat ziet er best armoedig uit, zeker nu de katten de ondervloer kapot hebben gekrabd.

Geïnspireerd door het boek 'De nieuwe arme' van Sascha Meyer en het artikel van Sacha Hilhorst 'Kokkerellen met vuilnisbakrecepten' op Spunk.nl trok ik vorige week met een vriendin en haar zoon de stad in. Ik ben namelijk niet de enige die tegenwoordig eerst lege flessen moet inleveren zodat ik van het statiegeld een brood kan kopen. Geen geld hebben maakt naast wanhopig ook creatief, dapper en brutaal. Vragen kost niets; 'nee' heb je, 'ja' kun je krijgen. We gingen aan het eind van de middag, vlak voor de sluitingstijd van de markt. We wilden met eigen ogen zien of er veel bruikbaars over zou blijven na een zaterdagmarkt. Wat zou daarmee gebeuren? Zouden er meer mensen zijn die speciaal daarvoor naar de markt zouden komen? Het was een onderzoek hielden we onszelf voor. Een proef. In Schaamte Overwinnen. En het bleek heel moeilijk. We waren namelijk helemaal niet dapper en brutaal.

Wat een klein beetje hielp was dat een vriend van mij marktkoopman is. We gingen eerst naar hem. Hij vertelde dat we beslist niet de enigen zouden zijn, dat het onzin was dat we ons schaamden; het was toch zonde dat er eten weggegooid werd? Ja ja ja, zeiden we niet overtuigd. We liepen wel vijf keer de markt op en neer. Ik bedacht me dat ik mijn gouden oorbellen in had; stond dat niet raar? Een 'nieuwe arme', met gouden oorbellen, een leuk rokje en Shabbies laarzen. Graaiend in de afvalkratten op de markt. Hum. Het zoontje van mijn vriendin vond ons stom. Hij vond het speuren naar goede vruchten en groenten leuk! Zonder enige schroom dook hij onder de wagens om paprika's te pakken. Mijn vriendin zei hem ze terug te leggen op de kar: 'Die zijn er vast afgevallen'. Zo stuntelden we wat rond. We zagen anderen veel sneller reageren als er tijdens het opruimen kratten aan de kant werden gezet. Want er waren dus anderen. Soortgenoten. Studenten, buitenlanders, mensen die niet in een hokje te stoppen waren. Onze Vrienden. En onze Vijanden. Sommigen verdeelden na afloop eerlijk de buit, zodat niet de één alle komkommers had. Anderen mopperden: 'Zag je die vrouw met die fiets, ze pakte alle tomaten, onbeschoft!' Een harde wereld. Mijn nieuwe wereld.

We raakten aan de klets met een andere marktkoopman. Ook hij vond, net als mijn vriend, dat we niet zo moeilijk moesten doen. Het waren toch zware tijden? We hadden vorige week moeten komen, toen had hij een hele kist meloenen. En de volgende keer moesten we ons even wat eerder komen melden, dan kon hij alvast wat voor ons aan de kant leggen. Langzaam begon ik het te begrijpen. Het is geen broodroof, het gaat om onverkoopbare waar, spullen die niet bewaard kunnen worden, overrijp zijn, weggegooid worden. Toch was het moeilijk. En verwarrend. En zo leerzaam! Mijn conclusie: ik gun de marktmensen hun inkomen en ik wil hen graag betalen. Het gaat alleen niet om gunnen, maar om kunnen. En ik kan het niet. Nu (even) niet.

Wil je geen andere baan dan? wordt me regelmatig gevraagd, al dan niet op licht verwijtende toon. En ik mompel dan vaak maar wat. Echt mijn best om iets te zoeken doe ik (nog) niet. Mijn ervaringen als werknemer hebben een flinke deuk in mijn vertrouwen in de voordelen van een 'vaste baan' geslagen. Ik geloof wel dat er goede werkgevers bestaan. Vast wel. Ik ben ze alleen nog niet tegengekomen en ik weet ook niet of ik ze gelijk zal herkennen en opnieuw zal kunnen vertrouwen.

Voorlopig, want ik ben nog steeds niet écht ontslagen, moet ik het nog even zo zien vol te houden. Af en toe naar de markt voor gratis groente en fruit van die aardige marktkoopman, een eigen moestuintje aanleggen en wie weet; spreek ik de baas van de lokale supermarkt ook nog eens aan, als ik durf...

...kan ik gelijk die plastic tasjes van de groenteafdeling meenemen; die zijn superhandig tijdens het struinen op de markt.

Wind

Afgelopen vrijdag werd tijdens de landelijke Freinet studiedag het eerste exemplaar van Levenstechnieken verwerven overhandigd aan André de Hamer van de Duurzame PABO. 'Levenstechnieken verwerven' is de nieuwste aanwinst van de Freinetbibliotheek en een vertaling van Essai de psychologie sensible I, door Célestin Freinet geschreven in 1968.

Tot zover even de feiten.
Waar ging het vrijdag 9 november 2012 om. Het thema van de studiedag was Freinet Natuurlijk. Ecologische pedagogiek. Freinetonderwijs is van nature natuurlijk leren. Maar het betekent natuurlijk niet dat leren vanzelf gaat. En ook niet dat het leren per se in de natuur moet plaatsvinden. Als bestuurslid van de Freinetbeweging mocht ik een openingspraatje houden. En ik vond het aardig om daarin Claire Warden te noemen, oprichtster van Nature Kindergardens in Schotland. Ik heb haar onlangs horen spreken tijdens een conferentie van Kind van Nature. Zij promoot het buitenspelen over de hele wereld, ondanks het feit dat het gemiddeld slechts zo'n twee dagen per jaar 'goed buitenspeelweer' is in Schotland. Buiten is zoveel te beleven, gaat het leren zó natuurlijk. Maar je moet het wel zien. En dus las ik ook een fragment voor uit Op slot, van Bernlef. Over een kunstenaar die zijn vriend op zijn buik in het gras liet liggen waardoor de grassprieten ineens een oerbos leken. Geweldig! Wat een verandering van standpunt teweeg kan brengen.

Kijken dus. En gewoon naar buiten gaan. Ook als het regent. Maar de opbrengsten dan?
In mijn workshop die ik tijdens de studiedag gaf, over de aanleg van een schooltuin, hoefden we het daar eigenlijk nauwelijks over te hebben. Scholen zouden (bijna) hun hele natuuronderwijs kunnen ophangen aan het werken in een schooltuin. Wat zeg ik? Alleen natuuronderwijs? Nee! Ook schrijven, taal, rekenen, economie, burgerschapsvorming, beeldende vakken en zelfs muziek kunnen moeiteloos aan het werken in de tuin gekoppeld worden. Het leren van het leven (levenstechnieken) is niet een fragmentarisch gebeuren, toetsbaar en afvinkbaar. Het is een complex proces, waarbij de wederkerige relatie met het onderwerp en de omgeving enorm belangrijk is en waarbij per kind het leerrendement zal en mag verschillen.

Gelukkig zijn veel onderwijsmensen zich hiervan bewust. Ze zoeken, vinden en inspireren elkaar. Dat geeft moed! De 'oude' onderwijsvernieuwers inspireren mij nog steeds enorm, maar ook nieuwe initiatieven en geluiden zijn hoopvol te noemen. Er waait naast de Cito en Squla wind ook een andere wind door Nederland (OERRRcampagne, Edushock, Hetkind.org) en ik hoop dat die laatste nog flink in kracht zal toenemen. Helaas moet ik de schoolbesturen nog tegenkomen die hun schoolteams scholing aanbieden over hoe je een schooltuin opzet. En is een workshop of training slechts verkoopbaar als er kreten aanhangen als 'metacognitie', 'leergebiedoverstijgend' en 'meervoudige intelligentie'. Iets minder 'pedagogiseren' zou van mij wel mogen. Iets meer 'voeten in de klei', nee, géén hakken in het zand. Het hoofd in de wind, ons hart als kompas!


...mee met de wind...

De wolk aan de hemel
gaat mee met de wind
De vogel in de lucht
neemt een eigen koers

Willem Hussem

Michelle Obama tuiniert met schoolkinderen in de tuin van het Witte Huis



vrijdag 2 november 2012

Lieve Jet,

Al bijna een week weet ik dat jij de nieuwe minister van onderwijs wordt. Gefeliciteerd!
Ik heb me deze week vaak afgevraagd wat ik zou doen als ik die baan zou hebben gekregen. Niet dat ik heb gesolliciteerd hoor, maar ik ben wel op zoek naar iets nieuws. Ik had een mooie baan (als juf) en werd om mijn werk en inzet zeer gewaardeerd, door de kinderen, hun ouders en collega's. Maar ik had ook een 'duurzaam aanwezig verschil van inzicht daar waar het gaat om de visie op het onderwijs en de inrichting daarvan'. Daar schrijf ik nog eens een boek over. Maar goed.

Dus vroeg ik me af. Wat zou ik als minister doen met mensen die een visie hebben, een hart voor kinderen, de wil en de drang om te leren, elke dag weer, ook buiten de schooltijden. Mensen die boven het maaiveld uitsteken, kwaliteiten hebben waar anderen jaloers op zijn. Mensen die meer ruimte nodig hebben dan anderen, omdat ze super creatief zijn en het graag op hun manier willen doen en dat ook prima kunnen, omdat ze heel goed in staat zijn de verantwoordelijkheid te dragen voor hun eigen ontwikkeling en die van de kinderen waarmee ze werken. Mensen die hun eigen scholing regelen, daar autonoom in willen en kunnen handelen. Mensen die geloven in de kracht van de wederkerige relatie als voorwaarde voor leren.Voor wie participatie werkelijk waarde heeft en geen inhoudsloze belofte is om ouders tevreden te houden. Wat zou ik doen met al die mensen aan de top die mooi praten, dik verdienen, soms lekker graaien zelfs, terwijl het armoe troef is op de werkvloer (weet je wel hoe vies het in de meeste scholen is?). Met mensen die het hebben over 'onderwijs op maat', maar voor eigen personeel geen menselijke maat weten te treffen. Mensen die het hebben over 'ieder kind uniek' en eigen personeel en scholen als eenheidsworst zien. Inwisselbaar en dus efficiënt, want het gaat natuurlijk om geld. Het is crisis, duh!

Daar moet jij, Jet, je dus voornamelijk mee bezig gaan houden. Geld. Beetje nivelleren hier en daar misschien, zou dat wat zijn? Als het in de zorg kan... het mag van mij hoor. Sterker nog; ik zou het gewoon doen. En verder: ruimte geven! Aan kinderen, om zichzelf te ontwikkelen, al hun talenten te ontplooien (niet alleen rekenen en taal). Aan leerkrachten, om naar eigen inzicht en visie vorm te geven aan hun onderwijs. Aan directeuren, om de voorwaarden te kunnen scheppen voor leerkrachten om hun werk te kunnen doen. En schoolbesturen? Ik gaf mijn PABO directeur toen ik afstudeerde in 1994 een Loesje tekst: 'minder blaten, meer wol'. Ik bedoelde er toen zoveel mee als; 'niet lullen, maar poetsen', meer inhoud zeg maar. Mag ik dat ook tegen jou zeggen? Hecht niet teveel waarde aan mooie woorden van mannen in strakke pakken, maar waardeer 'the good practice'. Wil je nog meer adviezen? Mail, tweet of bel me maar. Ik zit toch maar wat thuis momenteel.

Hartelijke en warme groet,

Heleen